De winter uit.

Woensdag 6 oktober 2019 (Aswoensdag)

“Hij moest kiezen tussen iets waaraan hij gewend was geraakt en iets dat hij wilde hebben.” (Paulo Coelho)

De winter was een donkere tijd, wakker worden was lastig, mij uit een soort winterslaap  geeuwen. Mij uit een zekere lethargie worstelen. Ik had me veel met muziek bezig gehouden. Mijn eeuwige twijfel, het niet combineerbare van twee passies. Gitaar spelen en zingen en met mijn fiets rondtrekken, reizen. Nu zingen valt wel mee, dat kan ik ook op mijn fiets. Een van mijn favorieten als ik ergens door een druilerige regen rijd waar schijnbaar geen eind aan lijkt te komen, is een liedje van Janis Joplin: Oh lord won’t you buy me a mercedes-benz, my friends all drive porsches I most make amends … troostende gedachte. Maar gitaar spelen is niet alleen een kwestie van weten, maar van het beheersen van fijne musculatuur en na twee maanden op de fiets ben je die geheid kwijt, samen met de eelt op je vingertoppen. Na mijn reisje naar Venetië heb ik die hele handel terug opgebouwd, omdat mijn vriend Lukas vroeg om in zijn café Boekowski te spelen. Ik doe dat graag studeren, toonladders spelen, nieuwe invalshoeken zoeken, maar je wil daar dan iets mee doen, optreden. En dan komt de voor mij schier onneembare bergpas, 25% omhoog: mezelf verkopen. Dat meisje Greta Thunberg vind ik, wat je ook mag vinden van haar acties, bijzonder fascinerend. Ik hoorde haar laatst in een interview zeggen dat ze over het algemeen niet graag met mensen spreekt. Asperger. Soms denk ik vaak dat ik ook een beetje over zo’n soort afwijking beschik. Mensen leiden daar dan vaak uit af dat je ze niet mag, maar dat is het niet. Het kost zo verrekt veel energie om mensen aan te spreken. Eens je ze vertrouwt, een beetje kent, gaat het allemaal prima. Maar ik ben dus niet de persoon die een onbekend café binnenstapt en met vijf nieuwe vrienden buiten komt. Als mijn telefoon overgaat ben ik een hartinfarct nabij en zelf telefoneren is altijd weer een opdracht.

DSC_0001
De kaarten liggen open.

En dan was er mijn rug, daar ben ik ook even mee geoccupeerd geweest. Ook dat verhaal heeft tot een zekere inertie geleid. Deels van moeten. Maar ondertussen is het ergste leed geleden. En de lente is daar, dringt zich op, zij het heden wat wisselvallig. Wakker worden. De winter afschudden. Nog van twijfels vervuld leg ik mijn kaarten open. Aanvankelijk leek Istanbul een mooi doel, maar een beetje te ver voor dit jaar, om allerlei redenen. Maar vooral het echte zuiden lonkt en lokt en trek aan mijn slip. Gibraltar is het nieuwe doel en ik ben sinds twee dagen aan het meten en uitstippelen geslagen, en dat voelt goed. Deze reis wil ik me vooral laten leiden door kloosters, abdijen. Plaatsen van rust en contemplatie. Ik geef toe er is een heremiet aan mij verloren gegaan. Die eenzaamheid vind ik niet zo erg, maar het gemis van een vrouw, dat deed de rots van geloof en vertrouwen kantelen. De Heere moge het mij vergeven. Verder heeft het te maken met het mooie fotoboek over het kloosterleven der verschillende orden, van de vroege middeleeuwen tot nu, dat ik van mijn vrouw cadeau heb gekregen.

DSC_0002
Indrukwekkend Assisi – waar ik passeerde onderweg naar Istanbul.

Ik heb aardig wat abdijen mogen aanschouwen. Er zijn er die een blijvende indruk gemaakt hebben. Montmajour in het zuiden van Frankrijk, in de buurt van Arles, of Fontain Abbey in Engeland, toevallig allebei ruïnes. Ik vermeld er nu twee, maar er zijn er veel meer. Tijdloze schoonheid. Al te grote steden wil ik mijden, te druk en te duur en de eenzaamheid wordt dan vaak opdringerig. Ik wil rust in mijn kop. Ik leef en woon al verdicht, dus wil ik wat tegenwicht, ruimte. Ik laat mijn stiften en curvimetertje derhalve langs, op het zicht, rustige paden lopen. De aanwezigheid van abdijen heb ik eerst met groen aangeduid. Ik zal ze niet allemaal kunnen zien. De Mont St. Michel is er bij. Ook al weet ik dat het daar ondertussen pure toeristenhorror is, en als ik mijn jongste zoon mag geloven kan ik er alleen met een soort pendelbus heen. Maar misschien vanuit de baai, als het laag water is kan ik er dicht bij komen.

Sinds een paar dagen is de lente onherroepelijk in het land. Bladeren aan bomen en struiken wringen zich stilaan uit hun beschermende knop, en narcissen en hyacinten ontworstelen zich aan de grond. Ondertussen is  het op hoop van zegen.  Of het dit jaar zal lukken is geen zekerheid, eerder andersom. De branie van dit zal ik eens effe doen is grotendeels verdwenen. Ik schuif met mijn stiften ijverig over mijn kaarten en laat het wieltje van mijn curvimetertje draaien, op zoek naar kleine rustige wegen. Misschien eindig ik ooit wel zo, beetje zitten schuifelen over kaarten, daarna met mijn rollator de gnag op, kijken hoever ik nog kom. Vandaag begint de vasten.

Categorieën reizen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close