Walhorn – Soumagne.

Walhorn – zaterdag 12 mei 2018 – km. 190.

Vannacht word ik niet wakker van de jeugd die testosterongewijs luidruchtig te keer gaat, neen, het is moeder – of vader, dat laat ik in het midden – natuur die luidruchtig te keer gaat. Onweer met alles erop en eraan. Ik tel de tijd tussen bliksem en donder en het ontij hangt bij momenten bijna boven onze kop. Regen, eerst bij bakken overgaand in het soort gestage regen die schier geruststellend op je tent trommelt en waarbij je zachtjes in slaap wordt gewiegd. De morgen brengt meer van hetzelfde. Alles binnenshuis inpakken. Eupen ligt nog 5 km. verderop. Klein station. Trein voor mijn pupil om 10.17 u. Ticketten aan een beschaafd loket. Koffie en croissant in het centrum van Eupen, aan de voet van de kerktorens  als pinhelmen.

20180513_194744

De regen gaat over in froezel en dan komt weer het brutere werk. Windstil, regen voor de rest van de dag. We moeten de lange trein twee maal visiteren voor we het fietscompartiment vinden. Ik help mee alles de trein in. Voorbij. Een beetje opgelucht maar ook met een lichte zwelling in de keel neem ik afscheid. Drie intense dagen liggen achter me. Gedaan wat beloofd was en dus gedaan moest worden. Mijn stiefdochter is klaar om naar Santiago te fietsen. Mijn taak zit erop. 23 mei vertrekt ze. Ik kan haar alleen nog veel succes en vooral een boeiende reis wensen.

Eupen uitfietsen gaat zoals altijd met een stad. Zoeken, vloeken, vallei van de Vesder. Regen. Vandaag kan ik wat avonturen. Ik rijd een veldweggetje in en fiets een hele tijd in het ongewisse. Schuiven over keien. Groen te over, Ardennen gehuld in een grijze mantel van mist en regen. Modder, gravel. Beneden ergens in een groen mistig dal ligt een stadje. Limbourg zegt een bordje me als ik uit de velden de bewoonde de wereld in rij. In een Chinees restaurant schrok ik wat vettige canard met sinaasappel naar binnen, kan ik weer een hele tijd mee verder. Ik leg de kaarten droog op tafel en zie dat ik op de goeie weg ben. Verder door een grijs druilerig Ardennenlandschap, land van Herve. Zelfs het vee laat het hoofd wat hangen. Kop in kas. Het gaat nu zeker een kilometer of vijf gestaag bergop. Dan van het ene dorp naar het andere.

 

Rustige wegen. De regen gaat over in mistige fijne neerslag. En zo gaat het, naar mijn gevoel, vooral bergop. Blegny. Tijd voor een pitstop. Vanaf hier krijg ik drukke wegen en er lijkt geen ontsnappen aan. Verrommeld land. Ik lijk wel in onze stadstaat rond te baggeren. Zelfs een soortement Boomse steenweg krijg ik cadeau, nog wel bergop, en ik wordt ook twee keer op het verkeerde been gezet. Kortom de laatste tien kilometer van de dag zijn vermoeiend en lelijk. Niet zo de camping op het provinciaal domein Wégimont. Mooi kasteel, verzorgde camping. Tent opzetten. Nog kleddernat van vanmorgen. Amper wind, en nog altijd van die alles doordringende fijne regen. Het heeft derhalve wat voeten in de aarde om mijn boeltje min of meer droog op zijn plek te krijgen. Een verwarmd sanitair blok is hierbij een grote hulp. Morgen zou ik toch die tent moeten kunnen drogen, anders is de pret er snel af. Denken aan vluchtelingen die in zo’n klamme tent moeten wonen. Maanden. Neen dan ben ik een luxepaard.

Categorieën reizen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close