Grenzen.(1)

23 maart 2018 – vrijdag.

Ik bots tegen mijn grenzen of tegen de jouwe. Dat kan gebeuren. Daar kunnen gemene confrontaties uit voortkomen, een soortement oorlog zelfs. Advocaten zien dat met graagte gebeuren, en psychiaters. Vooral als ik tegen mijn eigen grenzen bots. Depressies, Burn-outs. Er kunnen levenslange vriendschappen aan die grenzen ontstaan. Levenslange vetes. Maar in deze wil ik het even hebben over een minder menswetenschappelijk fenomeen, alhoewel, staatsgrenzen.

Toen ik kind was, kind dat al iets van de wereld probeerde te begrijpen, zo ’n vijfenvijftig jaar geleden, waren staatsgrenzen een mysterieus en beetje afschrikwekkend fenomeen. Ik ben voor het eerst een staatsgrens gepasseerd toen ik zo’n tien jaar oud was. Tegenwoordig gaan kinderen al een staatsgrens over nog voor ze geboren zijn. Het mysterie van de staatsgrens is ondertussen opgelost in de soep van de hyper-mobiliteit, citytrips, avontuurlijke vakanties op Lombok, trekkings naar en door Kirgizië … Mijn vader die huisschilder was mocht op een dag, ik was toen een jaar of zeven, op uitstap naar Nederland.

DSC_0002
mijn vader in zijn jonge jaren – kiekjes uit het oude familiealbum

Dat werd hem aangeboden door een van zijn verfleveranciers. Het gold een bezoek aan de betreffende verffabriek. Echt, ik dacht dat ik mijn vader nooit meer terug zou zien. Hij ging naar een ander land, een grens over, een grens die werd bewaakt door zwaarbewapende militairen, en die over een soort ijzeren brug liep, versierd met rollen prikkeldraad, over een hels koud water. Dat was zowat het beeld dat ik had van een landsgrens. De spekpater en het ijzeren gordijn voedden deze fantasieën, als de uier van een koe het kalf. De koude oorlog op vriestemperatuur. Mijn vader ging bovendien naar het land van waaruit boter en kaas werden gesmokkeld. Toch kwam hij na drie dagen heelhuids terug. Hij had in zijn valies warempel een heuse bol Hollandse kaas bij. Daarmee had hij een daad van burgerlijke ongehoorzaamheid gesteld van hogere orde. Hij was een held. Ook had hij een maquette gekregen van de verffabriek. Die hebben we samen opgebouwd, want je moest de gebouwen uit karton knippen en aan elkaar plakken. Hoogdagen uit mijn jeugd.

NE00035
gidsland – Nederland.

De meest absurde grens blijf ik overigens die tussen België en Nederland vinden. U zal me zeggen, die grens bestaat niet meer. Dan rijdt U waarschijnlijk altijd met de auto naar Nederland. Met de fiets ben ik ooit meerdere keren in het gebied tussen beide landen verloren gereden. Dat was voor de tijd dat er fietsknooppunten bestonden en je maar moest afgaan op wat er voor auto’s was neer geplant. Niets dus, of weinig, of op een redelijk desoriënterende wijze. Verder rijdt er eigenlijk maar één trein de grens over, die van Brussel naar Amsterdam. Jaja, nog een boemeltje, van Antwerpen naar Roosendael, maar ik raad niemand aan om daar met de fiets op te kruipen en al zeker niet als je ook nog pak en zak bij hebt. Ik stond ooit in Weert, de regen een beetje zat van ’t koude weer, en ik dacht dat er wel een trein naar Turnhout, ik noem maar wat, van daaruit zou rijden. Ook niet van Maastricht naar, ik noem maar wat, Hasselt. Voor “den ijzere weg” is de grens een grens. Ik ben dan maar met de fiets naar Neerpelt gereden, daar was een trein naar Antwerpen.

20023
Hier kon ik niet aan voorbij (om een foto te trekken) – Net over de grens (B-N) van Weert  naar Neerpelt.

In 1990 reed ik met een Turkse familie van Antwerpen naar hun thuisland en stad: Emirdag – Turkije. We zijn toen hele straffe landsgrenzen overgestoken. Maar de strafste was die tussen Bulgarije en Turkije. We kwamen er rond 5.00 u. in de ochtend aan. Om 13.00 u. waren we aan de overkant. In de brandende hitte hebben we toen een kleine werkdag staan aanschuiven tussen duizenden andere Turken, die van overal uit Europa naar hun familie op bezoek gingen. Het was een van de meer bizarre belevenissen uit mijn leven. Ik zie de minaretten van Edirne, net de grens over nog altijd voor me. We hadden al twee dagen en drie nachten met z’n tienen in een vol gestouwd mercedes-busje gezeten. Iedereen was moe, nog achthonderd kilometer voor de boeg. We gingen liggen in het gras met zicht op Edirne. De vrouwen gingen, zo vermoed ik, ergens baden. Ze kwamen in elk geval terug of ze net van de zondagsmis kwamen.

DSC_0002
Aquarel van Edirne – die ik toen in 1990 maakte.

Overigens is die reis nog altijd de meest indrukwekkende uit mijn leven. ‘k Zou er een hele Blog aan kunnen wijden. De brieven die ik naar de achterblijvers schreef liggen nog altijd ergens in een map.

17128
Ook nog een echte grens, die tussen Zwitserland en zijn buurlanden. Hier vanuit Duitsland.

 

Categorieën reizen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close